Gisteren avond zijn we in het motel gebleven. Het was na een mooie dag regenachtig en hadden zodoende geen trek om naar buiten te gaan. Achteraf gezien waren we ook blij dat we eerder op de dag met de kabelbaan naar boven gegaan waren. Je kon er namelijk ook 's avonds naar toe en dan kun je dineren met een mooi uitzicht. Maar dan hadden we niets gezien. Alles zat 's avonds dicht door de wolken.
Uiteindelijk hebben we dus lekker rustig aan gedaan. Net als vanmorgen overigens. Hadden extra niets gepland zodat we een keer konden uitslapen. Dat gebeurt hier niet zo heel vaak.
Om half twee werden we opgehaald door Adin van Southern Explorer (http://www.southernexplorer.co.nz). Adin is de eigenaar van een backpackers lodge in Arrowtown en verzorgt kleine reizen met een Land Rover zoals wij die vandaag met hem gedaan hebben. Echt een hele leuke en aardige man waar je lekker mee kon praten.
Arin was onze privé gids die ons mee nam naar Macetown. Macetown is, zoals men dat hier noemt, een ghost town. Van origine was Macetown een goudzoekers stadje waar goudzoekers woonden. Tegenwoordig is er alleen niet veel meer van over helaas. Ze hebben nog wel de backery opnieuw opgebouwd, maar verder zie je alleen nog maar stenen liggen die deels als fundering fungeerden.

Tegenwoordig is het alleen nog een toeristen attractie waar je met speciale tours naartoe kunt komen, zoals wij vandaag gedaan hebben. Een er hobbelige toer wel ter verstaan, maar verschrikkelijk leuk. Met de Range Rover moesten we in totaal ook 46 keer een rivier over steken. Soms was het zo diep, dat het water een beetje de wagen in kwam. Lachen.

Het pad was ook erg smal en gaf "little room for error", zoals Adin dat zo mooi wist te omschijven. Het was ook maar eenbaans en ruimte om te passeren was er niet. Soms als je naar buiten keek zag je ook alleen maar afgrond. :-) Maar het is allemaal goed gegaan en zij heelhuids boven gekomen. Boven hebben we even wat koffie en thee gedronken. Er was aan alles gedacht. Terwijl wij de omgeving aan het verkennen waren, was Adin druk met het maken van koffie, thee en kleine pannekoekjes. Al waren het geen pancake's en had het een andere benaming. Lekker waren ze in ieder geval wel met boter en/of jam. Een beetje zoet. Toen ik zei dat hij er veel werk van maakte zei hij met een grote lach op zij gezicht dat het simpel was en het geen moeite kost. Hij genoot zichtbaar, net zoals wij.
Op de terugweg zijn we nog even goud gaan zoeken aan de rivier. Hij had al op de heenweg gezegd dat als er nog tijd over zou zijn, we nog even zouden gaan zoeken. Op de ouderwetse manier wel te verstaan. Met een schep graven tussen de rotsen in het zwarte zand. Dan met een plastic "pan" of liever gezegd een plastic schaaltje het water uit de rivier vissen en dan spoelen en spoelen tot het zwarte zand overbleef. Dan was het voorzichtig draaien en draaien en kijken of er wat tussenzat. Uiteindelijk hebben we allemaal wat gevonden, maar het grootste stukje had ik gevonden. Adin vroeg gelijk verbaasd waar ik had gegraven. We hebben het uiteindelijk mee genomen en met een plakbandje op het visitekaartje vast geplakt. Groot is het niet, maar leuk is het wel. Goud zoeken was leuk, maar je moet er wel veel geduld voor hebben. Word niet mijn nieuwe uitdaging dus.

Nadat we vanavond nog weer een avondje voor ons zelf gekookt hebben, zijn we even een kleine laatste wandeling gaan maken door het centrum van Queenstown. Echt een heel leuk en gezellig centrum met aan het einde van de straten een klein pleintje aan het water met een paar boten. Echt heel gezellig. Ben wel benieuwd hoe het dan hier is in de winter als de winter toeristen er zijn.

Uiteindelijk hebben we dus lekker rustig aan gedaan. Net als vanmorgen overigens. Hadden extra niets gepland zodat we een keer konden uitslapen. Dat gebeurt hier niet zo heel vaak.
Om half twee werden we opgehaald door Adin van Southern Explorer (http://www.southernexplorer.co.nz). Adin is de eigenaar van een backpackers lodge in Arrowtown en verzorgt kleine reizen met een Land Rover zoals wij die vandaag met hem gedaan hebben. Echt een hele leuke en aardige man waar je lekker mee kon praten.
Arin was onze privé gids die ons mee nam naar Macetown. Macetown is, zoals men dat hier noemt, een ghost town. Van origine was Macetown een goudzoekers stadje waar goudzoekers woonden. Tegenwoordig is er alleen niet veel meer van over helaas. Ze hebben nog wel de backery opnieuw opgebouwd, maar verder zie je alleen nog maar stenen liggen die deels als fundering fungeerden.

Tegenwoordig is het alleen nog een toeristen attractie waar je met speciale tours naartoe kunt komen, zoals wij vandaag gedaan hebben. Een er hobbelige toer wel ter verstaan, maar verschrikkelijk leuk. Met de Range Rover moesten we in totaal ook 46 keer een rivier over steken. Soms was het zo diep, dat het water een beetje de wagen in kwam. Lachen.

Het pad was ook erg smal en gaf "little room for error", zoals Adin dat zo mooi wist te omschijven. Het was ook maar eenbaans en ruimte om te passeren was er niet. Soms als je naar buiten keek zag je ook alleen maar afgrond. :-) Maar het is allemaal goed gegaan en zij heelhuids boven gekomen. Boven hebben we even wat koffie en thee gedronken. Er was aan alles gedacht. Terwijl wij de omgeving aan het verkennen waren, was Adin druk met het maken van koffie, thee en kleine pannekoekjes. Al waren het geen pancake's en had het een andere benaming. Lekker waren ze in ieder geval wel met boter en/of jam. Een beetje zoet. Toen ik zei dat hij er veel werk van maakte zei hij met een grote lach op zij gezicht dat het simpel was en het geen moeite kost. Hij genoot zichtbaar, net zoals wij.
Op de terugweg zijn we nog even goud gaan zoeken aan de rivier. Hij had al op de heenweg gezegd dat als er nog tijd over zou zijn, we nog even zouden gaan zoeken. Op de ouderwetse manier wel te verstaan. Met een schep graven tussen de rotsen in het zwarte zand. Dan met een plastic "pan" of liever gezegd een plastic schaaltje het water uit de rivier vissen en dan spoelen en spoelen tot het zwarte zand overbleef. Dan was het voorzichtig draaien en draaien en kijken of er wat tussenzat. Uiteindelijk hebben we allemaal wat gevonden, maar het grootste stukje had ik gevonden. Adin vroeg gelijk verbaasd waar ik had gegraven. We hebben het uiteindelijk mee genomen en met een plakbandje op het visitekaartje vast geplakt. Groot is het niet, maar leuk is het wel. Goud zoeken was leuk, maar je moet er wel veel geduld voor hebben. Word niet mijn nieuwe uitdaging dus.

Nadat we vanavond nog weer een avondje voor ons zelf gekookt hebben, zijn we even een kleine laatste wandeling gaan maken door het centrum van Queenstown. Echt een heel leuk en gezellig centrum met aan het einde van de straten een klein pleintje aan het water met een paar boten. Echt heel gezellig. Ben wel benieuwd hoe het dan hier is in de winter als de winter toeristen er zijn.
